La Gomera, verticale wandelpaden en horizontale regen

Na de vorige overtocht zijn we toe aan een paar dagen rust. In Valle Gran Rey liggen we op een heerlijke ankerplaats met weinig deining. De boot voelt eindelijk weer als een gewone, leefbare plek, en niet als een drijvende fitnessruimte. We zijn moe en hebben niet meteen de behoefte om de wereld te veroveren. Eerst wat bekomen. We hebben een USB-stick gekregen met zo’n 40.000 boeken erop. Ik begin in Schaduw van de wind, Stephanie in De verborgen tuin. Voorlopig hoeft er even niets meer. Toch blijven we niet de hele dag aan boord. We gaan snorkelen, op zoek naar stingrays en hamerhaaien die hier vaste gasten zouden zijn. Die hebben blijkbaar andere plannen. Wel zien we scholen barracuda’s, trompetvissen en duizenden kleine visjes die aan onze benen en buik knabbelen. We zijn een zwemmend buffet.
Ook de bijboot wordt volop gebruikt. Stephanie had aanvankelijk wat bedenkingen bij het zelf besturen ervan. Het stuurt dan ook wat tegen de hand: duwen tegen het handvat en je draait naar stuurboord, trekken en je gaat naar bakboord. Mijn advies: niet te veel nadenken, gewoon voelen en doen. Twee dagen later vliegt ze al over het water. Volgas, de boot in plané. Snelle leerling. Letterlijk.
We huren een autootje. Uiteraard uit de goedkoopste categorie. We krijgen zowaar een upgrade naar een hybride Opel Corsa. Ik ben geen fan van Opel, maar met huurauto’s gaat het bij mij altijd hetzelfde: na een paar kilometer word ik verliefd op dat kleine tuftufje en is het plots de beste auto ter wereld. Deze keer is hij bovendien goudkleurig. Dat helpt.
Met onze gouden bolide trekken we het binnenland in voor drie uitstappen. De eerste brengt ons van Arure naar Las Hayas, met een extra lus naar El Cercado. We klimmen langs terrasvormige berghellingen en zien de wolken onder ons langs de bergen glijden. Onderweg raapt Stephanie kastanjes, plukken we zoete vijgen en wagen we ons aan cactusvruchten. Die laatste een beetje tegen mijn zin, want de stekels duiken later overal aan boord op. Wat Stephanie ermee klaarmaakt, lees je bij Ocean Flavours. Vooral haar zoute kastanjedip is een aanrader.
Zelf zorg ik ook voor wat actie. Op een gladde rots schuif ik onderuit en verstuik ik mijn pols. Gelukkig valt het mee en blijkt Stephanie niet alleen een uitstekende kok, maar ook een fantastische verpleegster. Een mens kan zich slechter organiseren. En alsof de dag nog niet mooi genoeg is, krijg ik een leuke mail: Zeilen magazine gaat voortaan elke maand een artikel van Sailing-Picasso publiceren in de online versie. Apetrots ben ik. Al probeer ik dat, bescheiden als ik ben, een beetje te verbergen.
Ook de volgende uitstappen brengen ons naar het Parque Nacional de Garajonay. Bij Jardín de las Creces stappen we een vochtig nevelwoud in. De laurierbomen zijn begroeid met mos en het lijkt alsof de tijd hier een tandje trager draait. Prachtig. Mystiek. Betoverend. De wandeling naar de Mirador de los Roques blijkt dan weer een ander paar mouwen. Een steile wandeling, lazen we. Dat blijkt een understatement. Er is steil en er is steil. Dit was de tweede steil. Het wandelpad gaat bijna verticaal langs de bergflank. Ik beklaag het me onderweg, en ook de terugweg doet me afvragen waarom we dit in hemelsnaam een leuke activiteit vinden. Zelfs Stephanie vindt het erover, en dat wil wat zeggen. Die vrouw is een rasechte berggeit. Als zelfs zij vindt dat het wat veel wordt, weet je dat je niet voor een zondagse wandeling gekozen hebt.
Op de derde dag doen we het rustiger aan. We wandelen met uitzicht op de Teide op Tenerife, met zijn 3.718 meter de hoogste berg van Spanje. Volgens de locals geldt: als het regent op La Gomera, sneeuwt het op de Teide. Vandaag valt er alvast geen sneeuw te bespeuren. We bezoeken ook een botanische tuin met bananenplantage. Een toeristenval, zo blijkt. Na twintig minuten hebben we het wel gezien. We rijden verder naar de Mirador de Abrante, een uitzichtpunt op zo’n 620 meter boven zeeniveau. Een glazen uitbouw hangt zeven meter over de klif. Spectaculair, als je tenminste iets ziet. Het uitzicht laat het vandaag afweten. Voor mij komt dat eigenlijk goed uit. Met mijn hoogtevrees hoef ik alvast niet te bewijzen dat ik zeven meter boven een afgrond kan staan zonder dat mijn knieën in elkaar zakken. Soms zit het geluk in de kleine dingen.
La Gomera heeft ook een bijzondere fluittaal: Silbo Gomero. Daarmee kunnen inwoners over diepe valleien en afstanden tot vier kilometer gesprekken voeren. Met zes fluittonen — twee voor de klinkers en vier voor de medeklinkers — kunnen ze duizenden woorden vormen. Sinds 1999 wordt de taal op school onderwezen om te voorkomen dat ze verdwijnt. Wat voor ons klinkt als wat gefluit over en weer, is voor hen gewoon een gesprek. Ik vind dat prachtig. Al kan ik zelf amper een kinderliedje fluiten.
Na enkele dagen wandelen, snorkelen en cultuur opsnuiven, wordt het weer minder. We verhuizen naar de marina van San Sebastián, de hoofdstad van La Gomera, om boodschappen te doen en water en diesel bij te tanken voor de geplande oversteek naar de Kaapverdische Eilanden. Onderweg begint plots onze vislijn als een gek te ratelen. Beet! En niet zomaar eentje. Er hangt een flinke tonijn aan de haak, een kilo of zes schatten we. Stephanie neemt de hengel ter hand en haalt de vis langzaam binnen. Ik sta erbij en kijk ernaar. Tot zover gaat alles volgens plan. Dan krijg ik een briljant idee: dit moeten we vastleggen! Zo’n vangst verdient toch een foto? Terwijl ik met de tonijn in de weer ben, houdt Stephanie zich bezig met de fotografie. Prioriteiten, mensen. De tonijn heeft andere plannen. Net wanneer we denken dat we hem bijna binnen hebben, begint hij wild te spartelen en weet hij zich van de haak te bevrijden. Weg tonijn. Foetsie. Terug de oceaan in. We kijken elkaar aan. Geen vis, wel een mooie herinnering aan hoe je een tonijn van zes kilo níét vangt. Uiteraard hadden we beter minder aandacht besteed aan die stomme foto en wat meer aan het binnenhalen van de vis. Maar ja, een mens wil ook bewijsmateriaal voor de sociale media. Blijkbaar zijn we daar toch wat te oud voor. Of te onhandig. Het resultaat: opnieuw vegetarisch op het menu. Volgende keer doen we het anders. Eerst de vis aan boord, dan pas de fotoshoot. We leren het ooit nog wel.
De marina is meteen een goede gelegenheid om wat achterstallig onderhoud aan te pakken. Onze bimini, de schaduwtent, heeft een flinke scheur opgelopen doordat de giek ertegenaan schuurde. Gelukkig heeft Stephanie haar naaimachine aan boord, een tip van Inge van JestX. Dank daarvoor! Stephanie naait de tent op de steiger weer netjes aan elkaar, onder mijn goedkeurend oog. Ik ben vooral goed in dat goedkeurend oog. Iedereen heeft zijn talenten. Bij het sanitair hangt een prikbord met zoekertjes. Een plaatselijke zeilmaker biedt zijn diensten aan. De rits en enkele naden van onze lazy jack moeten ook hersteld worden, dus ik stuur hem een berichtje. Tegen Stephanie zeg ik dat als het een deftige zeilmaker is, hij onze lazy jack mag herstellen en we gerust wat langer blijven. Maar als het zo’n langharige, overjaarse hippie is, met een grijze vlecht en een strooien hoed, dan hoeft het voor mij niet per se. De volgende dag ontmoeten we Thomas. Uiteraard: grijze vlecht, strooien hoed. Maar daarmee houdt de gelijkenis met mijn vooroordelen gelukkig op. Thomas blijkt vriendelijk, professioneel en vakbekwaam. Hij is niet duur en kan snel aan de slag. Een Zwitser die 36 jaar op zijn boot heeft gewoond, zowat de hele wereld heeft gezien en zich uiteindelijk op La Gomera heeft gevestigd. Een topgast. Ik heb weer eens bewezen dat je mensen niet op hun kapsel moet beoordelen. Maar mijn voorspelling was wel bijzonder accuraat. :-)
De herstellingen nemen enkele dagen in beslag. We besluiten nog vijf dagen langer te blijven. De Kaapverdische Eilanden lopen niet weg en La Gomera heeft nog genoeg te bieden. We trekken onder meer naar Alto de Garajonay, met 1.487 meter het hoogste punt van het eiland. We klimmen door een nevelwoud en belanden midden in de wolken. De horizontale regen slaat ons om de oren en het landschap verdwijnt stilaan uit zicht. De volgende dag maken we misschien wel de mooiste, maar ook de zwaarste wandeling van onze trip: route 132.1, van Las Rosas naar Epina. Het pad voert ons over verschillende bergkammen, met aan weerszijden diepe ravijnen. Hoewel de wandeling slechts 12,5 kilometer lang is, moeten we 961 hoogtemeters klimmen en 1.123 meter dalen. Maar wat is het prachtig! Zelfs met het beperkte zicht voelen we ons midden in een indrukwekkend berglandschap. La Gomera laat zich niet zomaar kennen.
Eenmaal terug aan boord zijn we compleet kapot. Stephanie heeft geen zin meer om uitgebreid te koken, dus mag ik beslissen wat er op tafel komt. En dat worden — zeer atypisch voor Stephanie — hotdogs! Ik word er alvast blij van. Na al die hoogtemeters smaakt een hotdog minstens even goed als een sterrenmenu. Misschien zelfs beter.
Met de boot weer op orde en ons vertrek stilaan in zicht, kijken we wat vaker rond in de marina. Er liggen boten die duidelijk ooit uitgerust zijn voor een wereldreis. Aan de aangroei op het roer en de onderkant van de romp te zien, zijn sommige al heel lang niet meer uitgevaren. Ze liggen vaak bij elkaar aan een steiger en vormen zo een soort gemeenschap. Misschien zijn de eigenaars ooit met grootse plannen vertrokken. Misschien wilden ze de wereld rond. En ergens onderweg zijn ze blijven hangen. Omdat ze geen zin meer hadden om verder te varen, of omdat ze een plek vonden waar ze liever bleven. Wij noemen die steiger lachend The Boulevard of Broken Dreams. We hopen dat het ons niet overkomt. Dat we niet eindigen als gestrande wereldreizigers, met een boot vol aangroei en grootse plannen die nog even moeten wachten. Of, erger nog, als twee overjaarse hippies met een grijze vlecht en een strooien hoed. Hoewel, als Thomas ons voorbeeld is, valt daar misschien ook nog mee te leven.
Volgende week vertrekken we naar Kaapverdië.
Als alles goed gaat, tenminste. En anders hebben we altijd nog die 40.000 boeken.


































































Zalige blog en uiteraard ook een prachtig eiland! Het had een verslag van Arnoud Houben kunnen zijn als je die wandelingen van jullie bekijkt😅.
Toen wij er waren lagen er inderdaad ook al boten die niet verder geraakt zijn, ik kan dit geloven …
Alvast een mooie overtocht en vergeet die foto’s van jullie visvangst, we geloven jullie hoor 🤭 .
Thaaaaanks 😃
Prachtig!
Yep, living the life 😃😃